Coöperatief leren

Coöperatief leren vervult een belangrijke rol binnen ons kindcentrum. Het is één van de vormen van het zogenaamde Nieuwe Leren. Het gaat om het bewust samenwerken van leerlingen in tweetallen of kleine groepjes.

De kinderen helpen elkaar en zoeken samen naar oplossingen voor problemen. Zwakke leerlingen profiteren van de hulp van medeleerlingen. Goede leerlingen leren, doordat ze anderen helpen de stof op een hoger niveau te beheersen. Het gaat dus om het leren van inhouden en het leren van samenwerken: een cognitief en een sociaal doel.
Dit alles binnen duidelijk aangegeven kaders:
  • GIPS: dit zijn de basisprincipes van coöperatief leren (Gelijke deelname, Individuele aansprakelijkheid, Positieve wederzijdse afhankelijkheid, Simultane interactie) 
  • Teams: de leerlingen werken in heterogeen samengestelde groepjes.
  • Het gebruik van didactische structuren.
  • Klassenmanagement: de inrichting van het lokaal en de invulling van de les is afgestemd op coöperatief leren. 
  • Motivatie: een goed pedagogisch klimaat is noodzakelijk en kinderen moeten willen samenwerken. 
  • Sociale vaardigheden: leerkrachten werken niet alleen aan het vergroten van kennis, maar ook leren de kinderen hoe ze met elkaar om moeten gaan. Een aantal termen die worden gebruikt zijn : mix en koppel, schoudermaatje, oogmaatje, binnen – buitenkring, stiltekapitein, tafelnummers, teambouw, klasbouw, tijdwaarnemer, tweespraak, etc.

De Kanjertraining

Al een aantal jaren werken we met de Kanjertraining. Dat is een programma voor de sociaal/emotionele ontwikkeling van de leerlingen. Het heeft als doel dat kinderen zich gesterkt voelen, meer zelfvertrouwen krijgen, beter grip krijgen op sociale situaties en gevoelens beter uiten. In de training leren de kinderen onderscheid te maken in manieren van reageren. De wijze waarop kinderen reageren heeft vaak te maken met het zelfbeeld en opvattingen over de buitenwereld.

Tijdens de training wordt er gebruik gemaakt van verschillende dierfiguren. De dierfiguren zijn vergelijkingen van (kinder)gedrag. Zo kan men zich gedragen als:

  • Het aapje. Deze probeert contact te krijgen door met de pestvogel mee te doen en overal een grapje van te maken. Het aapje neemt niets en niemand serieus.
  • Het konijn. Deze denkt dat hij minder waard is dan anderen, is vaak bang en heeft last van faalangst.
  • De pestvogel. Deze vindt zichzelf geweldig; alle anderen deugen niet en hij bepaalt zelf wel wat hij doet.
  • De tijger. Dit is een Kanjer. Een kind dat assertief maar niet agressief is en zich in allerlei situaties goed weet te handhaven, is een tijger.

Tijdens de training komen tal van onderwerpen aan de orde zoals gespreksvaardigheid, interesse tonen, mening durven geven, stoppen met treiteren, zelfvertrouwen, trots zijn, uit slachtofferrol stappen, heft in eigen hand nemen. 

Binnen de kanjertraining wordt met 5 kanjerafspraken gewerkt:

  • we vertrouwen elkaar
  • niemand speelt de baas
  • niemand lacht een ander uit
  • niemand doet zielig
  • we helpen elkaar
Meer informatie staat op: www.kanjertraining.nl

Mijn Kind

Direct naar nieuwtjes uit de groep van uw kind?
Bekijk hier de groepenpagina's van school.
En bekijk hier de fotopagina's van de opvang.

Twitter